Zijn uw contracten klaar voor de toekomst?
Twee grote bewegingen hertekenen het landschap van het contractenrecht. Laat u niet verrassen en anticipeer hierop door uw contracten toekomstbestendig te maken. Wie alert is, kan ook nu reeds gebruik maken van nieuwe mogelijkheden.
Vooreerst wordt in het kader van een grote codificatie volop gewerkt aan een nieuw burgerlijk wetboek.
Het wetsvoorstel inzake nieuw contractenrecht werd op 3 april 2019 ingediend in de Kamer . Wanneer dit formeel wordt goedgekeurd, hangt af van de politieke evoluties. Dit voorstel werpt evenwel zijn schaduw vooruit. Op tal van punten beslecht het immers betwistingen die ook reeds onder het huidige verbintenissenrecht bestaan. Dit biedt de mogelijkheid om bepaalde zaken ook reeds op vandaag te argumenteren. Daarnaast wordt de rechtspraak opgeroepen om zich nu reeds te aligneren op dit nieuwe verbintenissenrecht. De praktijk wijst uit dat dit ook gebeurt. Er wordt voorzien in een relatief lange overgangsperiode maar met de mogelijkheid van een opt in.
De tweede grote beweging is de wet dd. 4 april 2019 inzake B2B verhoudingen. Deze wet treedt in werking op 1 december 2020. Maar deze wet is niet enkel van toepassing op contracten die zijn gesloten nà deze datum maar ook op alle contracten die na deze datum worden gewijzigd. Zij vindt dus ook toepassing op een bestaand contract dat vanaf 1 december 2020 gewoon wordt verlengd of waar een addendum aan toegevoegd wordt.
Deze wet is nog (te) weinig bekend, maar is bijzonder ingrijpend. Vooreerst door het zeer ruime toepassingsgebied. Anders dan initieel voorzien, gaat het niet enkel om toetredingscontracten maar in principe om alle types van overeenkomsten tussen alle types van ondernemingen. Bovendien beperkt deze wet sterk de contractvrijheid door een aantal principes uit het consumentenrecht te vertalen naar de B2B verhoudingen. Als algemene regel wordt naar voor geschoven dat contractuele bedingen niet “kennelijk onevenwichtig” mogen zijn. Er komt ook een zwarte lijst van bedingen die steeds verboden zijn en een grijze lijst van bedingen die vermoed worden onrechtmatig te zijn, maar waarvan het tegenbewijs kan worden geleverd.
Wie rechtszekerheid wil, doet er aldus goed aan deze maximaal te verzekeren in de overeenkomst zelf.