Bijkomende verzekeringsplicht in de bouwsector vanaf 1 juli 2019

De wet dd 9 mei 2019 voert een bijkomende verzekeringsplicht in voor architecten, landmeters-experten, veiligheids- en gezondheidscoördinatoren en alle andere natuurlijke en rechtspersonen die prestaties van hoofdzakelijk immateriële aard verlenen voor in België uitgevoerde werken (zoals ingenieurs). Deze wet vormt een aanvulling op de wet dd. 11 mei 2017 inzake de verplichte verzekering voor aannemers en dienstverstrekkers in de bouwsector. 

Wat voorafgaat. Bij wet dd. 11 mei 2017 werd reeds een verplichte verzekering ingevoerd in de bouwsector. Deze is zowel van toepassing op aannemers, die materiële werken uitvoeren, als op dienstvertrekkers, die hoofdzakelijke immateriële diensten leveren. De bouwpromotoren werden hiervan vrijgesteld. 

Die verplichte verzekering kent evenwel twee grote beperkingen op haar toepassingsgebied. Vooreerst geldt deze regeling uitsluitend voor werken aan gebouwen die bestemd zijn voor residentieel gebruik, waarbij de tussenkomst van de architect verplicht is. Ten tweede dient deze verzekering uitsluitend dekking te verlenen voor de tienjarige aansprakelijkheid voor gebreken die de stabiliteit van het gebouw in het gedrang kunnen brengen, in de zin van artikel 1792 en 2270 B.W.

Nu gaat de wetgever nog een stap verder en wordt een bijkomende verzekeringsplicht opgelegd vanaf 1 juli 2019 naast en boven de bestaande verplichtingen. Belangrijk is dat het toepassingsgebied volledig verschilt. 

De wet dd. 9 mei 2019 heeft immers in principe betrekking op àlle in België uitgevoerde bouwwerken. 

Zij is evenwel uitsluitend van toepassing op de actoren in het bouwproces die hoofdzakelijk immateriële prestaties leveren. Aannemers vallen hier dus niet onder. Ook hier worden de bouwpromotoren vrijgesteld.

De verzekering die onder dit nieuwe regime wordt verplicht, heeft betrekking op de beroepsaansprakelijkheid van de betreffende dienstverstrekkers, met uitsluiting van de tienjarige aansprakelijkheid. 

Daarnaast kunnen een aantal soorten schade contractueel worden uitgesloten in de verzekeringsovereenkomst. Opmerkelijk is dat dit onder meer het geval is voor schade die het gevolg is van het geheel of gedeeltelijk niet-uitvoeren van de contractuele verbintenissen. Te denken valt vb. aan de schadevergoedingen wegens laattijdigheid. 

Ook in dit kader kan elke partij ervoor kiezen om een individuele polis te onderschrijven, ofwel onder de vorm van een jaarpolis ofwel onder de vorm van een polis per project. Er kan evenwel ook worden geopteerd voor een globale verzekering voor rekening van alle verzekeringsplichtigen op de werf.

Bijzonder aandachtspunt is dat voortaan alle contractuele documenten opgesteld door de betreffende dienstverstrekkers verplicht de gegevens van de verzekering dienen te vermelden. Met de wet dd. 9 mei 2019 wordt deze verplichting ook ingevoerd voor de verzekering die verplicht werd gesteld bij wet dd. 11 mei 2017.

Op eerste verzoek dient op de werf een attest van de verzekering te worden overhandigd. 

De naleving van deze nieuwe verplichting wordt ook strafrechtelijk gesanctioneerd.